Nomenclatuur




Дата канвертавання26.04.2016
Памер18.87 Kb.
Vis van het Jaar 2005: Roodbaars - Sebastes marinus


NOMENCLATUUR

Familie : Scorpaenidae

Subfamilie : Sebastinae

Genus :Sebastes

Vier Sebastes species in het Noordoost Atlantisch gebied :


  • Sebastes fasciatus : rosefish

  • Sebastes marinus : redfish

  • Sebastes mentella : ocean perch

  • Sebastes viviparus : Norway haddock



  • Sebastes fasciatus Storer, 1856 = Sebastes marinus (non Linnaeus) Ryder, 1887 = Sebastes mentella (non Travin) Freund, 1961; subspecies Sebastes fasciatus fasciatus and Sebastes fasciatus kellyi Litvinenko, 1974



  • Sebastes marinus (Linnaeus, 1758) = Sebastes norvegicus (Ascanius, 1772) = Sebastes marinus marinus Andriashev, 1954



  • Sebastes mentella Travin, 1951 = Sebastes marinus (non Linnaeus) Ginsburg, 1953 = Sebastes marinus mentella Andriashev, 1954



  • Sebastes viviparus Krøyer, 1845 = Sebastes marinus (non Linnaeus) White, 1851 = Sebastes marinus viviparus Jordan and Gilbert, 1882

    • common names: small redfish, Norway haddock



Roodbaars behoort zoals vermeld tot de schorpioenvissen, en niet zoals de naam laat vermoeden, tot de zeebaarzen. In de handel is hij het best bekend als dorade. Door de mogelijke verwarring met de in Frankrijk gekende dauradesoorten (zeebrasems) is deze naam niet meer toegelaten, behalve voor de zeebrasems. In Frankrijk spreekt men meestal van ‘dorade sébaste’ in plaats van sébaste. De officiële benaming was vroeger Noorse schelvis. Sinds de nieuwe Europese regelgeving over visbenamingen in 1994 is deze naam niet meer toegelaten, behalve voor schelvis uit de Noorse wateren.




VOORKOMEN

De roodbaars leeft hoofdzakelijk in de noordelijke (koude) gebieden in zones met een zeewatertemperatuur tussen 3° en 7°C. Het verspreidingsgebied is dan ook zeer groot: Kattegat, de Noordzee tot Spitsbergen, de zuidelijke Barents Zee, IJsland, Groenland, en in het westelijke Atlantisch gebied, van het zuidoosten van Labrador tot New Jersey. Aan de Belgische kust is roodbaars zeldzaam.

Met zijn rode lichaam en zijn stekels wordt hij soms schorpioenvis genoemd. Hij leeft in fjorden, baaien en meer algemeen in de kustzone, maar de volwassen dieren gaan verder de zee in, tussen 100 en 1.000 m diepte, waar ze in scholen samenleven.

Doordat hij soms op zo’n grote diepte leeft, kan zijn buikje (zwemblaas) door de druk ontploffen wanneer hij door vissers te snel wordt bovengehaald.



AANVOER

Roodbaars wordt het ganse jaar door gevist maar de beste vangsten worden meestal tijdens de winter gemaakt. De informatie inzake vangsten is onduidelijk. De Europese vloot haalt in de noordelijke wateren jaarlijks meer dan 60.000 ton boven. Bijna 70 % daarvan wordt door de Duitse vloot opgevist en dit voornamelijk in Groenland en rond de Faröereilanden. De vangsten van de overige belangrijke visserijlanden buiten de Europese gemeenschap (IJsland, Noorwegen en de Faröereilanden) zijn minder duidelijk maar overtreffen de 150.000 ton.

De jongste jaren blijkt het bestand van Sebastes marinus in sommige gebieden te zijn achteruitgegaan. Dat is voornamelijk het geval aan de oostkust van Canada en de Verenigde Staten en evenzeer in de Barents Zee. Anderzijds zijn de bestanden rond IJsland en de Faröereilanden optimaal geëxploiteerd en goed beheerd en gecontroleerd. Trouwens het belang van roodbaars voor de IJslandse economie is zeer groot : ongeveer 10% van de globale exportwaarde wordt gerealiseerd door de uitvoer van roodbaars. De onderhandelingen in verband met de TAC1 voor 2005 met IJsland inzake roodbaars is nog lopende.

De aanvoer van roodbaars door de Belgische vloot is tot sporadische bijvangsten gereduceerd sinds de stopzetting van de IJslandvisserij. Toen was roodbaars een belangrijke bijvangst van de kabeljauwvisserij en werd dan ook Noorse schelvis genoemd. Ook in noordelijke landen zijn de vangsten van roodbaars hoofdzakelijk bijvangsten in een gemengde visserij.

De Belgische vloot heeft een historisch recht bij middel van een jaarlijks quotum van 145 ton in afgebakende gebieden rond IJsland en de Faröereilanden. Deze hoeveelheden roodbaars blijven bij gebrek aan interesse vanuit onze vloot onbenut. Ook andere lidstaten zijn niet geïnteresseerd in een ruil met andere soorten en andere gebieden. Alle mogelijkheden voor roodbaars worden m.a.w. nog niet ten volle benut.

GROEI
De roodbaars die in de handel wordt gebracht meet meestal tussen 35 en 55 cm en weegt 0,5 tot 1,5 kg. De vis kan één meter lang worden, maar aangezien hij een uiterst trage groeier is, laat dit lang op zich wachten. Grote exemplaren wegen 15 kg en kunnen ruim 20 jaar oud worden.

Haring, kleine kabeljauw en krill2 vormen het hoofdvoedsel van roodbaars.




VOORTPLANTING

Roodbaars is levendbarend (ovoviviparus) en het wijfje wordt bevrucht in de nazomer. Een wijfje kan dan in het volgend voorjaar (april-mei) zowat 350.000 levende larven van ongeveer 8 mm lengte ter wereld (ter zee) brengen. De larven hebben dan een broedzak om de eerste periode te overleven. Bij een lengte van ongeveer 12 mm worden de morfologische kenmerken van de toekomstige roodbaars al zeer duidelijk Geslachtrijpheid treedt op vanaf een lengte van 30 cm bij een leeftijd van 8 tot 9 jaar oud.



VIJANDEN
Haaien, roggen, heilbot en zeezoogdieren behoren tot de roofdieren op roodbaars.

CULINAIR

Roodbaars heeft stevig wit visvlees dat heel smakelijk is. Zijn typische smaak dankt hij aan het voedsel dat hij eet, in het bijzonder aan krill. Roodbaars leent zich uitstekend tot bakken en marinades en komt bijzonder tot zijn recht in de oven.

De gaartijd moet evenwel minutieus in het oog worden gehouden. Roodbaars is immers snel gaar.

De vis is matig vet (2,8 %, waarvan 0,4 g verzadigde vetzuren en 2,2 onverzadigde vetzuren per 100 g).



In de handel wordt hij meestal gefileerd aangeboden, met of zonder vel. Hij kan met vel bereid worden.



1 TAC = Total Allowable Catches, de hoeveelheid vis die in een jaar in de EU mag worden gevangen.

2 Krill komt wereldwijd voor (zowel in het zuidelijk als het noordelijk hafrond) door de opwelling van oceanisch water. Het betreft een familie van 86 soorten pelagische zeegarnalen die zich in het plankton bevinden. Hun dichtheid kan soms plaatselijk enorm zijn: enkele tientallen kilo’s met meer dan 1 miljoen garnalen per m³ zeewater. Het zijn dus zeer belangrijke voedselbronnen voor vele soorten (ook voor de walvissen), maar even belangrijk voor de roodbaars.




База данных защищена авторским правом ©shkola.of.by 2016
звярнуцца да адміністрацыі

    Галоўная старонка