Het bijbelse kernwoord toren I. Het oude testament




Дата канвертавання27.04.2016
Памер54.96 Kb.

Het bijbelse kernwoord toren




I. HET OUDE TESTAMENT



Onderstaande gegevens zijn verzameld uit Gesenius’ Hebr. und Aram. Handwörterbuch; 16e Aufl. 1915 en Abr. Trommius, Nederlandse concordantie (6e herz.dr.).



I.A.a. Betekenis van de tekstgegevens

1.Toren מגדּל



  • Toren van Babel (Gen.11:4v)

  • Torens van Jeruzalem + elders (1 Kron. 27:25; 2 Kron. 14:7; 26:9, 15; 32:5)

  • Torens van Sion (tel ze): Ps. 48:13; vgl. Jes. 33:18

  • Wachttoren bij een stad (2 Kon.9:17; 17:9; 18:8)

  • Torens in de woestijn (2 Kron. 26:10)

  • Torens in heel het land (2 Kron. 27:4)

  • Torens van Tyrus worden afgebroken (Ez.26:4,9); Gammadieten daarop (Ez. 27:11)

  • Hoge toren (de dag des Heeren is tegen alle..) (Jes. 2:15); vgl. Jes. 30:25.

2. Toren van een vesting/kasteel (als toevlucht)

  • Richt. 8:9, 17; 9:46v, 49, 51v

3. Eenvoudige wachttoren in een wijngaard

  • Jes. 5:2

4. Figuurlijk


De Naam des Heeren is een sterke toren tegen de vijand (2 Sam. 22:51; Ps. 61:4: Spr.18:10)
Zie verder Hooglied 4:4; 5:13; 7:5; 8:10

I.A.b Samenvatting + toepassing

1. Voor het eerst in de Bijbel lezen we van een toren in Babel (Gen.11:1vv). De mensheid moest zich geleidelijk aan verspreiden over de aarde. Maar het mensdom bleef veeleer bij elkaar en vormde een machtig koninkrijk met een en dezelfde spraak, met prima mogelijkheden om alles op aarde te beheersen. Eendracht maakt macht. Maar dan gebeurt er iets.


De nakomelingen van Noach, bewoners van de laagte van Sinear maken onder leiding van Nimrod een plan om zich een naam te maken door een geweldige stad te bouwen met een toren die tot in de hemel reikt. Een uitnemend verenigingspunt, vol machtsconcentratie waardoor voorkomen wordt, dat de een hierheen zwerft en de ander daarheen. Iedereen gaat hard aan de slag om stenen te bakken en op elkaar te metselen tot een ongekende hoogte.
Maar ‘dit alles werd wel gedaan’, aldus Josephus, ‘uit ongehoorzaamheid jegens het bevel van God’ om zich over de aarde te verspreiden (Gen.9:1). En wat doet God dan? Hij vernietigt deze goddeloze raad. Op een dag verstaan de torenbouwers opeens elkaar niet meer. Een enorme spraakverwarring maakt, dat zij uit elkaar gedreven worden. Wat het toppunt van eenheid moest worden, de toren van Babel (= verwarring), staat daar weldra onafgebouwd als een toonbeeld van verdeeldheid en dwaze hoogmoed.
Jesaja brengt dat later onder woorden, als hij zegt, dat de Heere tegen alle hovaardige en hoge, en tegen alle verhevene is, opdat hij vernederd wordt,…en tegen alle hoge toren, en tegen alle vaste muur (Jes. 2:12, 15). In Jes. 30:25 wordt zelfs geprofeteerd, dat in de dag van de grote slachting de torens vallen zullen.1
Ook in onze tijd openbaart zich in allerlei opzichten een eenheidsstreven waarin volkeren zich verenigen om de wereld tot een geheel te maken. We denken aan het Moslim - fundamentalisme en -terrorisme dat met oorlog en geweld in de Afrika - landen, maar ook in Europa huishoudt en met behulp van El Qaida strijd voert tegen de verdorven cultuur van het Westen. Of moeten wij hier wellicht vooral ook noemen het eenheidsstreven van de Westerse landen met hun open grenzen en militaire machtsblokken en zijn uiteindelijke doel om vrede op aarde te bewerkstelligen? Zou het ooit gelukken? En welke prijs moeten wij voor dit ideaal betalen?
Ook in ons persoonlijk leven zijn wij maar al te vaak bezig torens van Babel te bouwen (excelsior – steeds hoger). Ons bedrijf moet een toporganisatie worden, een internationale grootmacht. Via internet overal op aarde te vinden. Met onze kennis moeten we steeds verder kunnen doordringen in het geheim van moleculen (met hun atomen), in atomen (met hun kernen), in kernen met hun ‘deeltjes’ die sneller gaan dan het licht. Totdat het ons tenslotte radicaal uit de hand loopt.
Er is een tegenhanger van dit alles. Dat kunt u vinden in de volheid van de tijd, als op het Pinksterfeest de spraak van de mensenkinderen door Gods Geest weer één wordt en mensen elkaar weer gaan verstaan in de diepste doeleinden van het leven en daarin elkaars heil zoeken.

Laat zo dan maar gerealiseerd worden wat Paulus in Hand.17:26 onder woorden brengt: ‘En God heeft uit één bloede het ganse geslacht der mensen gemaakt, om op de gehele aardbodem te wonen, bescheiden hebbende tijden te voren geordineerd, en de bepalingen van hun woning (!).’ Dat betekent in beginsel een opheffing van de grootste Babylonische spraakverwarring op de aarde. Vgl. Hand.2:7vv.



2. Over torens in het algemeen (Het Hebreeuws heeft verschillende woorden)


Een stad in Palestina had in de oudheid een muur ter verdediging/ bescherming. Zo’n stad wordt ook wel een vesting (ford/ bolwerk) met hoge vesten (toren?) ofte wel vaste (ommuurde) stad genoemd, met dikke muren (een binnenste en een buitenste) (bijv. Num. 32:17). De Enakieten, Amalekieten, Hittieten, Jebusieten, Amorieten en Kanaänieten bewoonden zulke vaste/ versterkte steden (Num. 13:28; Deut.1:28).
Ook in de tijd van de richters horen we soms van een toren als een bolwerk ter verdediging. Zo lezen we in Richt. 9:46-49 van de toren van Sichem (שׁכם מגדּל, mighdal shekhem) waar de burgers heen zijn gevlucht en daar in de tempel van god Millo zich schuilhouden. Maar Abimelech die zich als koning opwerpt, steekt de hele zaak in brand en alle bewoners (1000 mannen en vrouwen) sterven.
Soms was een stad gebouwd op een heuvel of uitstekende rots (Gezer, Megiddo o.a.). Ze was meestal van geringe oppervlakte (Jericho bijv.). Aanvallers konden er vanwege steile hellingen moeilijk inkomen. Vgl. Joz. 10:32. Ook werden er soms torens gebouwd op de hoeken van de muren of op de top van de heuvel of op punten waar aanvallen werden gevreesd (2 Kron. 14:7; Zef. 1:16). In Geser zijn 30 torens gevonden rond de buitenste muur; soms veel meer. Men kon alleen door de ingang van zo’n toren met dubbele deuren die met zware grendels gesloten konden worden. Meestal waren er zo weinig mogelijk poorten/ ingangen om indringers te voorkomen. Om de poort te beschermen was ze voorzien van torens. De hoogte van de torens was: ong. 16 voet. In later tijd werden er wachters op de toren gezet boven de poort ter waarneming van de nadering van vriend of vijand of boodschapper (2 Sam.18:24). Men kon er ook overnachten in kamers.
3. Torens in Israël werden gebouwd als verdedigingswerken. Soms ook in de woestijn (grensbewaking), soms op een kasteel/ vesting. Maar meestal op de muur van een stad ter verdediging/ bewaking van die stad. Zo had ook Jeruzalem veel torens op haar muren, bijna niet te tellen. Van de koningen van Juda lezen we dat zij die bouwden en versterkten; soms ook dat ze die afbraken. Een wijngaard had ook een toren, maar dan als ter bewaking en bescherming tegen ongedierte en dieven.


4. In het OT worden de torens van Jeruzalem vaak met een bepaalde naam vermeld. Zie de excurs. Het zijn er blijkbaar vele.2


Ps. 48:13 roept ons op om de torens van Sion te tellen. Jeruzalem met zijn tempel, met zijn muren en torens is een wonderschone stad. Maak een wandeling over de muren heen en tel al die torens eens. U kijkt uw ogen uit. Welk een machtige optocht en heerlijke lofzangen worden ons verhaald in Neh.12:27vv over Juda’s priesters en Levieten die bij de inwijding van de muur van Jeruzalem t.t.v. Nehemia in dankkoren over die muren gaan rondom de heilige stad. Er is alle reden voor pelgrims ook vandaag om daarmee in te stemmen, zeker als we bedenken, dat in die stad Gods heilrijke daden in Christus geschied zijn.
Hoe heerlijk hebben Sions leidslieden steeds de Heere geprezen om Zijn verlossing, als de vijanden waren verslagen. Zoals in Jes. 33:18 waar de profeet het toekomstige heil van Sion verkondigt: Alles wat herinnert aan vijanden die in de stad rondlopen zal verdwenen zijn; de man die de belastingen voor de vijanden int, de man die het goud en zilver weegt dat door die vijanden opgeëist wordt en ook hij die de torens telt als Sions vestingwerken waarin die vijanden hun triomf vieren. 3

Wie de God van die stad mag kennen, mag het uitjubelen: Deze God is onze God.


5. In Ezech.27:11 (het klaaglied over Tyrus) lezen we van de Gammadieten die waren op uw torens; hun schilden hingen zij rondom aan uw muren; die maakten uw schoonheid volkomen.4 Deze Gammadieten zijn de ingeboren soldaten van Tyrus.
6. In de Bijbel wordt de toren ook wel in figuurlijke zin genoemd. In de eerste plaats als een aanduiding van de Naam des Heeren, waarin de gelovige zich bergen mag als in een sterke toren die hem beschermt tegen aanvallen van de vijand (2 Sam. 22:51; Ps. 61:4: Spr.18:10; 29:25). In de benauwdheid van de ziel, ook in aanvechtingen van buiten en van binnen zal de rechtvaardige die zich houdt aan het Woord des Heeren, vluchten tot die toren als naar een veilige schuilplaats. Zo’n toren is de Naam van de Heere, geopenbaard in Zijn Woord. En waar is die naam heerlijker geopenbaard dan in Jezus (מִגְדַּל־עֹז (vgl. Ps. 61:4)? U en ik, als wij intijds vluchten tot die toren van het vleesgeworden Woord als in een ‘hoog vertrek’ mogen beveiligd zijn tegen elk gevaar. Zie verder Ps. 9:10; 18:1v; 31:2; 46:7,11; 59:9,16v; 91:2; 144:2.

7. De toren in zijn symbolische betekenis wordt ook een enkele keer genoemd in het boek Hooglied.

In Hooglied 5:13 bezingt bruid Sulamith de wangen van haar bruidegom (haar liefste en vriend); ze zegt, dat die in haar ogen als welriekende torentjes zijn. Bedoeld zijn de geur van zijn gezonde huid? Alles wat aan hem is, is gans begeerlijk.5


In Hooglied 4:4 is het de hals van Sulamith die bezongen wordt door haar bruidegom; hij noemt haar hals een Davidstoren, gebouwd om allerlei wapentuig (o.a. duizend schilden) aan op te hangen. Zo is de hals van de bruid omhangen met sieraden. En in Hooglied 7:5 wordt haar hals vergeleken met een elpenbenen/ ivoren toren (vermoedelijk wel bekend in Jeruzalem); een toren die bedekt was met ivoren tabletten, van verre te zien.
Sulamith, de bruid wist zich in haar jonge jaren als een muur: kuis en ontoegankelijk voor vreemden. Maar eenmaal gegroeid mochten haar borsten de tekenen van haar huwbaarheid in ongereptheid zijn in de ogen van haar geliefde; zij zijn als torens op een muur (Hoogl. 8:10); kortom een vesting die zich in liefde overgeeft.6

II. HET NIEUWE TESTAMENT


II.A Het Griekse woord voor toren is πύργοs
II.A.a Tekstgegevens/ korte omschrijvingen (o.a.volgens Trommius)


  • En bouwde een toren (in een wijngaard) (Matth. 21:33; Mark.12:1)

  • Wie van u willende een toren bouwen (Luk. 14:28)

  • De toren van Siloam wordt genoemd in (Luk.13:4; vgl Joh.9:7, 11 over het badwater van Siloam)


II.A.b Samenvatting + toepassing
1. De gelijkenis van de boze wijngaardeniers (Matth.21:33; Mark.12:1) vertelt ons van een wijngaard waar een tuinman een muur omheen zet, die de beplanting moet beschermen tegen gure windvlagen, maar natuurlijk ook tegen rovers en vossen die het op de vruchten gemunt hebben Ook bouwt hij een toren in zijn wijngaard, om toezicht te houden op de wijngaard en om mogelijke rovers in de gaten te krijgen en af te slaan.

Het is niet onze bedoeling om aan deze toren in de wijngaard veel aandacht te geven. Het is slechts een klein trekje in het beeld dat o.i. geen rol speelt in de geestelijke betekenis van dit verhaal.De gelijkenis zelf behandelen we hier niet. Een toren kon men in elk geval dus ook in een wijngaard vinden.


2. In Luk.14:28 kan zo’n uitkijktoren in een wijngaard bedoeld zijn. Maar ook kan het een toren zijn in een stadsmuur, of een torenachtig gebouw als vluchtplaats. In elk geval moet een bouwer van zo’n toren eerst goed bij zichzelf nagaan en ook met anderen overleggen, of de bouwkosten goed gecalculeerd zijn. Als hij dat niet doet, zal men weldra de spot met hem drijven: Hij is zeker platzak en kan nu zijn bouwwerk niet voltooien.

Jezus volgen als discipel betekent in beginsel: alles verlaten (zelfs ouders en gezin); wie dat wil, moet zelfs zijn eigen leven niet achten en de kruisweg gaan.. Dat kost het allemaal, als men Jezus achteraan wil. Platzak en soms zelfs barrevoets. Wie heeft daar zin in? Hij/ zij die door Gods Geest ogen gekregen heeft voor de rijkdom van een leven waarin Jezus met Zijn Zaligmakerswerk de hoofdrol spelen. 7


3. En dan tenslotte de toren van Siloam. Jezus maakt daar melding van in Luk.13:4. In Robertson’s Word Picures (Bible Works) lezen we bij deze tekst (alleen in het Evangelie naar Lukas): Jezus vermeldt in deze passage het bloedbad dat Pilatus aanricht onder offerende (zelotische) Galileërs en daarna noemt hij het ongeval van 18 bouwvakkers die de dood vinden, als de toren van Siloam (bij de bouw van de waterleiding van Siloam) instort. Vgl. Joh.9:7, 11. Vreselijk! Maar moeten wij over deze dingen oordelen, zoals de Farizeeën dat zullen hebben gedaan? Zonder twijfel zullen zij de diepste oorzaak van de dood van die allen gezocht hebben in hun schuldig leven.
Maar waren die Galileërs, waren die bouwvakkers dan soms groter zondaars en meer schuldig dan alle mensen in Jeruzalem? 8 Jezus zegt: Als u zich niet bekeert, zult u allemaal insgelijks vergaan. De dingen die rondom ons gebeuren zijn, hoe men ook wendt of keert, roepstemmen van God. Waar zullen wij zijn, als God gaat oordelen?

Toegepast op onze tijd en op de veertigers tot vijfenveertigers van onze dagen die naar hartelust op hun gevoelens teren, alle regels en normen overboord hebben gezet en leven alsof er geen vuiltje aan de lucht is: Gedenk te sterven, mens. God daagt u in Zijn gericht.


TENSLOTTE NOG IETS OVER EEN TOREN. MAAR DAN WEL EEN WAAR EEN ONVERGETELIJK GETUIGENIS VAN UITGAAT.

Marie Dunant (Aiges-Mortes)
Wie in Aiges-Mortes komt (Zd. Frankrijk), gaat zeker ook een kijkje nemen in de torengevan­genis waar enkele honderden jaren geleden Marie Durant gevangen is gezet. Een Hugenoten-meisje, 14 jaar oud. Zij en dertig andere vrouwen. Daar heeft ze 38 jaar lang vastgezeten. En toen ze er eindelijk uit mocht, liet ze één woord achter op de muur van haar gevangenis, het woord 'Weersta' (‘resistez’). Zie, dat is bepaald wat anders dan die toren (van Babel) waarmee we de behandeling van het kernwoord toren in de Bijbel begonnen.

E X C U R S

De belangrijkste torens van Jeruzalem 9 die in het OT een naam hebben zijn.


Neh.3:1; 12:39 Toren Mea + Hananeël

Neh. 3:11; 12:38 Bakoventoren

Neh.3:25-27 Uitstekende toren

Jer.31:38 Toren van Hananeël

Micha 4:8 Schaapstoren

Zach.14:10 Toren van Hananeël

Hoogl. 4:4 Davids toren

Hoogl. 7:4 Elpenbenen toren

Hoogl.7:4 Toren van Libanon (richting Damaskus)
Enige bijzonderheden over de torens van Jeruzalem in het OT.

De toren Mea en de toren Hananeël (Neh.3:1; 12:39; Jer.31:38; Zach. 14:10)

In Nehemia 2:13vv en 3:1vv lezen we van Nehemia, dat hij, terug uit Babel in Jeruzalem bij de muren en poorten van de stad komt en bewogen wordt om die te gaan herstellen. Genoemd worden o.a. de Mistpoort (waardoor men vuil bracht naar de beek Kidron), de Fonteinpoort (bij de Siloamvijver). De God van de hemel zou het hem doen gelukken.

En dan worden ook (in Neh. 3:1) de toren Mea en de toren Hananeël genoemd; de Kanttekeningen van de Statenvertaling zeggen: Toren Mea = Honderd Toren (tussen de Schaapspoort en de toren Hananeël; misschien alzo genoemd, omdat deze toren honderd ellen van beiden afstond). Van de toren Hananeël had Jeremia reeds voorspeld, dat deze weer opgebouwd zou worden (Jer. 31:38). Deze toren lag in het Noord-Oosten van de stad (vgl. Neh.12:39).10

Han´aneël (חננאל, hanan'el) (God is genadig). Dit is een toren in de muren van Jeruzalem grenzend aan de toren van Hammeah. We lezen in Neh. 12:30vv dat de vorsten van Juda en twee dankkoren over Jeruzalems muur gaan naar de Mistpoort, naar de Fonteinpoort en de Vispoort naar de toren van Hananeël en de toren van Meah. Ook wordt hier de Bakoventoren genoemd.

Jer.31:38 voorzegt, dat de stad zal worden gebouwd voor JHWH van de toren van Hananeël tot de Hoekpoort.

Zach.14:10 meldt, dat Jeruzalem zal wonen in haar plaats van Benjamins poort tot het paleis van de eerste poort en tot de hoekpoort en van de toren van Hananeël tot ‘s konings wijnpers (vlakbij Siloam). De afstand van de toren van Hananeël tot ‘s konings wijnpers geeft de grootste lengte aan van de stad van Noord naar Zuid. .
Schaapstoren (Micha 4:8)

Het gaat hier over de Davidsburcht (vgl. Hoogl.4:4) die hier schaapsburcht genoemd is, omdat de bevolking (vgl. Jer.31:20: kudde) daar een veilig heenkomen vindt (een vergaderen van de verstrooide en hulpbehoevende schapen). Zie ook Neh.3:25v over de uitstekende toren (deel van akropolis van Jeruzalem). De schaapsburcht is dan de citadel (‘ofel) van de dochter van Sion = Jeruzalem. 11 De Kanttekeningen van de Statenvertaling spreken over een toren getimmerd op de Schaapspoort (Neh.3:1,32).



Toren van David (Hoogl. 4:4)

In de eerste eeuw voor Christus liet koning Herodes de Grote Jeruzalem versterken. De toren van Phasaël en de torens Hippicus en Manamne maakten deel uit van de verdedigingswerken. Bij de verovering van Jeruzalem door de Romeinen in 70 na Christus werden de torens Hippicus en Mariamne vernietigd. Enkel de toren van Phasaël bleef gespaard, In de Middeleeuwen werd deze toren omgedoopt tot de Toren van David, zijn huidige benaming. In de toren is het museum van de geschiedenis van Jeruzalem ondergebracht. De 4000 jaar geschiedenis van de stad wordt er op boeiende en leerrijke wijze tentoongesteld.Uit een reisgids.

Elpenbenen (ivoren) toren (Hoogl.7:4)

(השּׁן מגדּל, mighdal hashen): Dit woord komt voor in Hoogl.7:4 waar de bruidegom van de hals van zijn bruid zegt, dat deze als een elpenbenen toren is. Cheyne verbetert de tekst en leest: toren van Shenir (par. aan toren van Libanon; verderop in vs.4). Maar elpenen toren kan ook slaan op een halssieraad; vergelijk de elpenbenen troon (Neh.8:4; van Salomo; en in 1 Kon.10:18 de elpenbenen troon van Salomo).

Toren van Libanon (Hoogl.7:4)

(הלּבנון מגדּל, mighdal ha-lebhanon): (Hoogl.7:4). De bruidegom zegt van de neus van zijn bruid, dat die is als de toren van (uitziende op Oostelijk) Libanon; richting Damaskus.

De bakoventoren (Neh. 3:11; 12:38)

Het is moeilijk om die te lokaliseren. Vermoedelijk was deze bakoventoren of Oventoren een heel belangrijke hoektoren (nu geÏncorporeerd in Bisschop Gobat’s school). In de King James vertaling heet deze toren de Tower of furnaces. De commentaar van Keil-Delitzsch zegt bij Neh.3:11, dat het waarschijnlijk is, dat de bakoventoren diende ter verdediging van de Hoekpoort aan de Noord-West hoek van de stad. Nu liggen op een vroeger bouwwerk van grote hoekstenen, vermoedelijk een fragment van de oude Joodse muur, de ruines van de oude Kal'at el Dshalud (toren van Goliath), die in de tijd van de kruisvaarders wellicht het hoekbastion van de stad was.. Vgl. Rob. Palestine, ii. p. 114; Biblical Researches, p. 252; and Tobler, Topogr. i. p. 67f.




P.S. Uzzia bouwde torens in Jeruzalem aan de Hoekpoort en aan de Dalpoort en versterkte die (2 Kron. 26:9, 15).12


De Messias komt naar Jeruzalem; schilderij uit de 16e eeuw, in Perzië gevonden. Op de voorgrond de Messias en daarvoor de profeet Elia die op de trompet (sjofar) van de verlossing blaast (uit Zev Vilnay, ISRAEL, een moderne gids door het land van de Bijbel (tweede herz. en uitgebr.druk; Amsterdam, 1964; vert. van H.P. van Aardweg; oorspr. titel The gide to Israël.



1 De afbeelding is het bekende schilderwerk van Pieter Brueghel de Oude.

2 Op de afbeelding de toren van David.

3 In de commentaar van Keil-Delitzsch wordt dit als volgt omschreven: ‘The sopher who had the management of the raising of the tribute, the shoqel who tested the weight of the gold and silver, the sopher 'eth hammigdal who drew up the plan of the city to be besieged or stormed, are all vanished.’

4 גַּמָּדְים (Gammadim) signifies brave men, as Roediger has conclusively shown from the Syrian usage, in his Addenda to Gesenius' Thes. p. 70f. It is therefore an epitheton of the native troops of Tyre. - With the words, “they (the troops) completed thy beauty,” the picture of the glory of Tyre is rounded off, returning to its starting-point in Ezech.27:4 and Ezech.27:5’. Aldus de commentaar van Keil-Delitzsch.

5 Wij volgen hier de uitleg van Dr. G. CH. Aalders in Hooglied; Kampen 1952 (in Commentaar op het Oude Testament).

6 Zie ook Dr. M.Rozelaar inHooglied; Kampen 1988; blz.44.

7 M. Henri schrijft: All that take upon them a profession of religion undertake to build a tower, not as the tower of Babel, in opposition to Heaven, which therefore was left unfinished, but in obedience to Heaven, which therefore shall have its top-stone brought forth. Begin low, and lay the foundation deep, lay it on the rock, and make sure work, and then aim as high as heaven. [2.] Those that intend to build this tower must sit down and count the cost. Let them consider that it will cost them the mortifying of their sins, even the most beloved lusts; it will cost them a life of self-denial and watchfulness, and a constant course of holy duties; it may, perhaps, cost them their reputation among men, their estates and liberties, and all that is dear to them in this world, even life itself. Many that begin to build this tower do not go on with it, nor persevere in it, and it is their folly; they have not courage and resolution, have not a rooted fixed principle, and so bring nothing to pass. It is true, we have none of us in ourselves sufficient to finish this tower, but Christ hath said, My grace is sufficient for thee, and that grace shall not be wanting to any of us, if we seek for it and make use of it.

8 Easten Bible Dictionary in Bible Works vertelt, dat de toren van Siloam te vinden is in het dorp Silwan of Kefr Silwan, aan de oostkant van de Kedronvallei en ten NO van het badwater Siloam. Zie verder Karl Heinrich Rengstorf in Das Evangelium nach Lukas (Das Neue Testament Deutsch 3; Göttingen 1962; blz.168v.

9 Het gaat hier uiteraard niet over kerktorens in het huidige Jeruzalem, maar over torens als vestingwerken op de muren van (oud) Jeruzalem.

10 Dr. A.H. Edelkoort in zijn commentaar op Zacharia (Baarn 1945) veronderstelt bij Zach.14:10, dat deze toren gezocht moet worden aan de Westkant van de stad.

11 Zo Dr. A.S. van der Woude in Micha (De prediking van het Oude Testament)); Nijkerk 1976; blz.146.

12 In deze voordracht is gebruik gemaakt van 1. Gesenius’ Hebr. und Aram. Handwörterbuch; 16e Aufl. 1915, s.v. מגדּל 2. Trommius’ concordantie, s.v. toren ; 3. ISBE/ E-sword en Easten Bible Dictionary in Bible Works, s.v. purgos; 4. Robertson’s Word Pictures in Bible Works ad teksten NT; 5. E-sword (comm. M. Henri/ Keil-Delitzsch); 6. Dr. G. CH. Aalders in Hooglied; Kampen 1952 (in Commentaar op het Oude Testament); 7. Dr. M.Rozelaar inHooglied; Kampen 1988; 8. Dr. A.S. van der Woude in Micha (De prediking van het Oude Testament); Nijkerk 1976; 9. Dr. A.H. Edelkoort in zijn commentaar op Zacharia (Baarn 1945); 10. Zev Vilnay, ISRAEL, een moderne gids door het land van de Bijbel (tweede herz. en uitgebr.druk; Amsterdam, 1964; vert. van H.P. van Aardweg; oorspr. titel The gide to Israël.







База данных защищена авторским правом ©shkola.of.by 2016
звярнуцца да адміністрацыі

    Галоўная старонка